Première: 15-10-1581, Parijs, het Louvrepaleis
Periode: Renaissance
Door: Catharina de Medici (opdracht), Balthasar de Beaujoyeux (regie, choreografie)
De handeling was gebaseerd op een verhaal uit de Odyssee van Homerus.
Het ging met name om de legende van Circe, de dochter van de zonnegod Helios en de zeenimf Perse. Deze Circe was een tovenares die woonde op het eiland Aeaea en die bekend stond om zowel haar erotische aantrekkelijkheid als haar slechte inborst. Zij had de onaangename gewoonte haar vijanden - en in het algemeen diegenen die haar niet bevielen - in dieren te veranderen. Zo had Circe de vrienden van de held Odysseus, toen deze tijdens zijn omzwervingen op Aeaea landde, in zwijnen veranderd. Odysseus zelf bleef buiten het bereik van Circes kwaadaardige magie, dankzij een toverkruid dat hij van de god Hermes had gekregen. Bovendien was Odysseus door Hermes gewaarschuwd dat hij - alvorens met haar naar bed te gaan - Circe eerst een eed moest laten zweren dat zij hem geen kwaad zou doen.
Circe beviel Odysseus zó goed dat hij een jaar bij haar bleef. Volgens Homerus liet Circe tenslotte Odysseus en zijn mannen ongemoeid weggaan en hielp zij Odysseus zelfs voor het vervolg van zijn reis.
In afwijking van Homerus liet 'Ballet comique de la reine' oftewel 'Het verhalende ballet van de koningin' echter de strijd zien van Odysseus die veel moeite moet doen om aan de greep van Circe te ontsnappen.
In deze produktie werd in diverse taferelen de geschiedenis van Odysseus op het eiland van de tovenares Circe getoond door middel van zang, declamatie, dans en muziek. Deze mengvorm zou tot in de 18e eeuw standhouden. Wel kwamen er geleidelijk accenten in de onderlinge verhouding tussen het dans, zang of reciteergedeelte.
Dit ballet was niet zomaar een tussenstukje onder het eten met een allegaartje van verkleedpartijen en voordrachten, zoals tot dan toe gebruikelijk bij de maskerades, maar er was sprake van eenheid en harmonie in deze productie.
Er werd gedanst volgens het Milanees principe van figuur-dansen (balletti): de dansers oogsten grote bewondering vanwege de precisie waarmee de meest ingewikkelde geometrische patronen, die door de toeschouwers vanaf balkons bekeken werden, tijdens het dansspel gevormd werden.
Deze productie is de eerste waar geschreven en getekende bronnen (gravures) van aanwezig zijn. We kunnen er ons dus een redelijk beeld van vormen.
Reconstructies of heropvoeringen van dit ballet zijn niet bekend, wellicht is het feit dat de voorstelling meer dan vijf uur duurde hier de oorzaak van.....
Het succes van dit ballet was ongekend groot.
De benaderingswijze van zijn regisseur en choreograaf - Balthasar de Beaujoyeux die hierna in uiterst lovende sonnetten werd gevierd - was aanleiding voor navolging aan vele Europese hoven.
Een schaduw op het succes wierpen echter de eveneens ongekend grote kosten. De produktie kostte liefst drie miljoen en zeshonderdduizend gouden frankstukken. Dat was in die dagen een fortuin waarvoor de schatkist min of meer moest worden geplunderd.